De vluchteling

Syrische+vluchtelingen+te+water+Reuters

 

 

 

 

 

Je zeult alleen een plastic tasje met je mee
met kleren, en de scherven van je leven
De mensen kijken: zal ik hem wat geven?
Maar lopen door, ‘die man is niet OK’

Niemand herkent je, van die rubberboot
Die beelden zijn door voetbal weer verdwenen
Jouw redding op een strand vol scherpe stenen
ziet niemand, want de keeper is in nood!

Je bracht je zieke moeder naar de arts
dwars door de brokken van wat eens jouw stad was
Een bom vernietigt weer een stukje atlas
en achter je alleen maar rook en zwart

Je thuis is weg, teruggaan kan niet meer
Je kunt je vader nu niet meer begraven
Wat rest is met je moeder naar de grens te draven
Je zag je oorsprong voor de laatste keer

Ze hield het vol, de boot met water tot de knieën
De lange wandeling, de trein, het kamp
Maar overleed toch nog. Een nieuwe ramp
Je bent alleen en niet meer met z’n drieën

Nu loop je hier, en als het handvat scheurt
ziet iedereen (die wil), de scherven van je leven
maar roepen nog: Was jij maar daar gebleven!
Wat…, als ze wisten wat er was gebeurd?

 

Dodenherdenking 2016 / Remembrance Day 2016

(For my English speaking friends: scroll down)

Een nerd met een trompet. Vlak voor het paleis, bij een microfoon. Ik snapte er helemaal niks van. Wat doet die gast daar? Hij oefende blijkbaar voor de ceremonie later op de avond. Maar waarom deed hij dat hier? En waarom kwam hij niet verder dan twee noten? Een soort sirene. Even dacht ik dat we al die jaren belazerd waren. Die man die heel plechtig de taptoe staat te blazen, staat gewoon te playbacken. En één of andere nerd met een (ongetwijfeld foutloze, digitale) toeter maant ons al jaren tot stilte.

Toeternerd

Ik was er rond half 6, en was eigenlijk al te laat. Ik vond een plekje aan het hek vlak bij het paleis. Graag was ik dichter bij de kranslegging geweest, maar dan had ik nog zeker een kwartier eerder moeten zijn. Ik bedacht dat ik mij op deze plek drie uren lang zou moeten vermaken. Moet ik al plassen? Ja, volgens mij moet ik plassen. Maar dan is mijn plekje ingenomen. ‘Jammer dat er zo’n grote man voor ons staat, met een rugzak, we zien bijna niks’. Even overweeg ik om plaats te maken voor zo’n kabouter achter mij. Maar ik realiseer me dat ik inmiddels al bijna 12 jaar geleden begonnen ben met krimpen, dus die mensen moeten gewoon even geduld hebben.

De eerste militair valt flauw. Ze heeft bloed aan haar gezicht, en wordt er door een vriendelijke EHBO-er op gewezen dat ze voor de Miss World-verkiezing toch al niet meer zou worden toegelaten tot de voorrondes. Een uurtje later red ik het aangezicht van de volgende dame. Ik zie haar zachtjes schudden op haar benen, en zwaai naar een EHBO-dame vlak voor mij. Vlak voordat ze haar prachtige neus over de loop van haar M16 schuift wordt ze gegrepen. Eén of andere wondersnack uit de EHBO-koffer helpt haar binnen twee minuten weer op de been.

Flauwgevallen

Terwijl de stoet genodigden langs ons heen trekt van de Nieuwe Kerk naar het Nationaal Monument vraag ik mij af waarom ik hier eigenlijk sta. Als ik de veteranen langs mij heen zie lopen, en rollen, dan besef ik dat de Tweede Wereldoorlog nog geen plaats mag maken. Niet zolang er nog zovelen zijn die daar bij waren, of er als tweede generatie nog dagelijks de gevolgen van ondervinden. Maar ik sta hier ook voor mijn Syrische vrienden die zien hoe hun land in puin wordt geschoten. Die zien hoe ziekenhuizen en vluchtelingenkampen worden gebombardeerd. Die zien hoe Aleppo is veranderd in Rotterdam – mei 1940, in Dresden – februari 1945. Die elke dag moeten vrezen voor de levens van de mensen die zij achterlieten. Stel dat wij in Damascus de beelden zouden zien van een platgebombardeerd Amsterdam… Oorlog gaat vaak over grenzen, over gebieden. Was het maar waar… oorlog gaat over mensen, over het doodschieten van zonen van moeders, over het leeg laten bloeden van idealen, over het gewelddadig beëindigen van de hartslag van hoop.

Ineens zie ik in mijn rechterooghoek de nerd met de toeter weer staan. Hij draagt nu een onberispelijke marechaussee-outfit. Hij begint te blazen. Twee noten, net een sirene… meer niet. Bij het monument wordt zijn oproep beantwoord door precies dezelfde tonen. De koning en de koningin lopen voor ons langs. De plechtigheid kan beginnen.

_MG_2391

 

Remembrance Day 2016

Some nerd with a trumpet. Close to the palace, behind a microphone. I just didn’t get it. What’s this dude doing there? Apparently he was practicing for the ceremony later this evening. But why there, on that spot? And why did he just play two notes?  A kind of siren. For a moment I thought we’d been cheated for years. The guy playing The Last Post very solemn, he’s just miming. For so many years some nerd with a (undoubtedly flawless, digital) horn is persuading us to keep silent for two minutes.

Toeternerd

I was there about 5.30 p.m., which was actually too late. I found a spot at the fence close to the palace. I’d preferred to be closer to the ceremony with the garlands, but therefore I had to be at least 15 minutes earlier. I realized that on this spot I had to entertain myself for three hours. Do I have to pee? Yes, I think I have to pee. But in that case someone’s taking my place. “What a shame this big guy with his backpack is standing in front of us…” For a moment I consider to offer my place to this dwarf behind me. But I realize that about twelve years ago I started to shrink , so people should just be a little patient.

The First soldier faints. She’s bleeding in her face. A friendly First Aid-official reminds her, in a gentle way, of the fact that her chances to join the Miss World contest were already very small before the accident. About an hour later I save the pretty face of another soldier. I see her shaking her legs and wave to the First Aid lady in front of me. Just a second before she folds her nose around the barrel of her M16 machine gun she ’s grabbed by the officials. Some miracle snack from the First aid kit brings back life to the girl within two minutes.

Flauwgevallen

Whilst the procession of invitationals passes by, from the New Church to the National Monument I wonder why I’m standing here. If I see the veterans pass I realize that World War 2 should not make place yet. Not as long as so many who were there are still alive. Not as long as second generation people is still suffering daily.
But I’m also standing here for my Syrian friends, who see their country being destroyed. Who see hospitals and refugee camps are being bombed. Who see Aleppo has been changed to Rotterdam – May 1940 and Dresden – February 1945. Who must fear every day for the lives of their loved ones. Just imagine us being in Damascus and see Amsterdam being bombed… War is often about borders, about areas. I wished that was true… war is about people, about killing sons of mothers, about ideals bleeding to death, about violently ending the heartbeat of hope.

Suddenly I see the nerd with the horn. He is now wearing a spotless outfit of the military police. He starts… two notes, just a siren… that’s all. From the National Monument his call is answered by another trumpeter. The same two notes. The king and queen pass by. The ceremony starts.

_MG_2391

Refugees meet homeless

English version below! 

(Foto’s in de Engelse versie)

Op 3,5 vierkante meter staan 3,5 koks een diner voor te bereiden voor ongeveer 120 mensen. Dat klinkt vrij onwaarschijnlijk. En je zou verwachten dat het resultaat niet veel meer dan één FEBO-ster gaat opleveren. Hoe kan een mens zich vergissen.

Want we hebben het hier niet zomaar over de eerste de beste frituurvetfröbelaar uit de Ferdinand Bolstraat. We hebben het hier wel over Kamal, The Syrian Chef uit de Havenstraat.Kamal begint inmiddels een BS-er (Bekende Syriër) te worden in culinair Nederland. In de noodopvang voor vluchtelingen in de Havenstraat in Amsterdam zorgde hij met zijn team van hulpkoks elke dag voor een maaltijd voor ca. 250 vluchtelingen. Toen ik Kamal een paar maanden geleden vertelde over mijn vrijwilligerswerk bij de Regenboog Groep heb ik hem o.a. het fenomeen ‘inloophuis’ uitgelegd. Hij flapte er direct uit: “Voor die mensen ga ik koken”. Gisteren was het zo ver.

Buiten het pand verzamelt zich inmiddels een bonte verzameling van mensen, klein, groot, dik, dun, vrolijk, boos, stoned, dronken, of ‘gewoon’ fit en nuchter. Want wat is gewoon… Deze mensen zijn gewoon zoals ze zijn. Kleurrijk als een regenboog.

Tegen vijf uur merk je dat de spanning in de keuken oploopt. Zaakwaarnemer, hulpkok en razende reporter Jurriaan maant aan tot spoed. Exact om 5 uur staat het eten op tafel en mag de buitendeur open. Ondanks dat de deur naar buiten toe open draait wordt de portier annex uitsmijter onder de voet gelopen. Gelukkig is hij op tijd opgelapt om ook nog van het diner te kunnen genieten. Ook buiten op de stoep blijven deze keer voor de verandering geen ledematen achter. De koks Kamal, Alaa en Germain scheppen zelf op. Het eten valt in de smaak. Wat opvalt zijn de complimenten over de kleuren van het eten. Kleurrijk voedsel voor kleurrijke mensen. Op enig moment wordt aangekondigd dat ze voor een tweede keer langs de opscheppers mogen. Kwijlend schuift vrijwel iedereen voor een tweede keer in de rij, en sommige mensen presteren het om nog een derde ronde achter kun kiezen te schuiven.

Ik tref ineens een ex-maatje, Phadyah. Zij komt hier drie keer per week eten. We hebben elkaar al veel te lang niet gesproken en we zijn allebei blij verrast om elkaar hier te zien. Ook vriend Mietek is hier een vaste gast, net als Jacques en nog zoveel anderen. Toch heb ik tijd genoeg om te letten op wat er gebeurt, met mensen… Ik observeer gezichten, ik zie emoties. Vooral ook bij de Syrische koks annex opscheppers. Zij zijn duidelijk verbaasd om te zien wat hier gebeurt. Zoveel mensen die op een bepaalde manier verloren hebben van het leven. Eten verbindt, grenzen vallen weg, voor even hoeft niemand te vluchten voor zijn of haar oorlog, voor kou, voor eenzaamheid. Voor even mag je anoniem zijn in een grote groep. Voor even begrijpen wij dat de wereld er ook heel anders uit zou kunnen zien, zou moeten zien! Makom, een oase in een woestijn van oorlog en verslaving.

Kamal, Alaa, Germain en Jurriaan, bedankt voor deze bijzondere ervaring. Jullie zijn helden!

English version

At about 3,5 square metres 3,5 kook prepare a dinner for about 120 people. That sounds pretty unlikely. And you would expect the result will not be any better than the average Amsterdam-cafeteria. Well, how wrong can one be…
IMG_2098

Because we’re not just talking about some ‘cooking oil amateur’, but we’re talking about Kamal, The Syrian Chef from Havenstraat. Kamal is about to be a known phenomenon  in culinary Netherlands.In the shelter for refugees in Havenstraat Kamal and his team of subchefs prepared meals for about 250 refugees every day. A few months ago, when I told Kamal about my volunteering activities among the homeless and drug addicts in Amsterdam he spontaneous said: I’m gonna cook for them. Yesterday was the day.

Outside the shelter a colorful bunch of people gathered, small, big, fat, skinny, cheerful, angry, stoned, drunk or just ‘fit and sober’. Normal people… normal the way they are, colorful like the rainbow.

Closer to 17.00 pm the tension in the kitchen increases. Manager, subchef and raving reporter Jurriaan urges to hurry up. Exactly 17.00 pm the food is on the tables en the front door of the shelter can be opened. The door opens to the outside, but nevertheless the doorman, bouncer was ranover by a stampede of homeless people.Lucky for him he was mended in time, so he could still join a nice meal. Outside on the sidewalk this time no limbs were left behind. Cooks Kamal, Alaa and Germain decided to serve. It’s no question at all that the food is being approved by the visitors. Surprisingly there’s a lot of compliments about the beautiful colors of the food. Colorful food for colorful people. At some moment there’s the announcement that there’s enough food for a second round. Drooling almost all of the visitors line up for the second round, and some of them manage to shove a third round behind their cheeks.

Suddenly I meet my former buddy Phadyah. She eats in Makom three times a week. We’ve not seen each other for a (way too) Iong time and we’re both surprised to meet each other right here. My friend Mietek is also a regular guest in Makom, just like Jacques and so many others. Nevertheless I have time enough to look around, to see what happens, to people… I observe faces, I see emotions. Especially with the Syrian chefs. They are obviously surprised by what they see happening here. All those people who lost some battles in life. Food creates a bond, borders fade away. For a few hours no one has to run fortheir own war, cold, loneliness. For a while you’re allowed to be anonymous in the middle of a large group of people. For a while we understand that the world really could be a better place, should be a better place. Voor even begrijpen wij dat de wereld er ook heel anders uit zou kunnen zien, zou moeten zien! Makom, an oasis in the middle of a desert of war and addiction.

Kamal, Alaa, Germain and Jurriaan, thanks for this special experience. You guys are heroes!
IMG_2125

De Havenstraat

Als ik straks op mijn 104e, in het huis van mijn 81-jarige zoon, met een sigaar tussen mijn tandeloze kaken (een bulldog met 1 bruin oog naast mij en een plaid over mijn knieën) terugdenk aan mijn vele werkkringen, dan herinner ik mij vooral De Havenstraat. Hoop ik…

Dankbaar voor alles wat we hebben mogen betekenen voor deze mensen. Zoals voor die ene man uit de binnenlanden van Sudan, die bij ons heeft leren praten en lopen. De eerste weken kon hij namelijk alleen maar voor het kantoor van het LdH blijven staan, en praten lukte ook niet. Toen dat allemaal op gang kwam bleek het praten volledig onverstaanbaar te zijn, en oefende hij het lopen vooral richting Dylan’s telefoon.

IMG_2872

Ik herinner me de bijzondere band met de beveiligers, die soms moesten wennen aan mijn aparte gevoel voor humor. Die keer toen Marloes met F. naar zijn kamer ging. Er was door het COA net een verse kudde beveiligers ingevlogen en die wisten nog niet zo goed hoe het er in de Havenstraat aan toe ging. Toen onze lieve, tere, breekbare, zachte Marloes ineens op de galerij van de 3e etage werd gesignaleerd met de levensgevaarlijke, agressieve, licht ontvlambare F., ontstond er in de hal ineens paniek. Vooral dankzij het feit dat de meeste bewakers nog niet wisten aan welke kant van de portofoon ze moesten gillen, en dat je dan op zijn minst een knop moest indrukken, kon ik groot alarm voorkomen. Ik vertelde hem: “Wij kennen Marloes heel goed, en dit is echt vertrouwd. Zij zal F. echt geen kwaad doen. Hij komt straks ongeschonden weer beneden”.

_MG_1958

Mohammed, de koffergoochelaar. Hij begon met één koffer, misschien twee. Daarna begon hij koffers te ruilen. Hij nam dan één koffer mee naar “de winkel” en ruilde die voor een andere koffer. Op de één of andere manier leverde die ruilhandel hem toch elke keer een extra koffer op.

Het uitdelen van fruit. Ooit haalden we het in ons hoofd om in de eetzaal een doos bananen onbeheerd neer te zetten… voor de liefhebber… Dat was die keer dat Mr. Soup een nieuw Palestijns record neerzette op de 60 meter indoor. Het overgrote deel van de bananen hoefde niet meer gepureerd te worden… Dat deden we de volgende keer dus iets georganiseerder.

Genoeg gezwam… Een goede vriendin zei vorige week tegen mij: Wat mooi dat je zoveel hebt kunnen betekenen voor deze mensen. Ik antwoordde: “Ik herinner me vooral wat zij voor mij betekend hebben. Ik heb mezelf gevonden… Dit is wat ik mag doen”.

Ik citeer hier een paar woorden van een bijzonder goede vriend uit Florida, Amerika:
“God had this job in mind for you”
“He equipped and prepared you to do”
En dan eentje die ik hier vertaal “God gebruikt jou als een reddingsboot om de gebrokenheid van deze vluchtelingen te helen”.
Mooi als je op zo’n manier bemoedigd wordt. En dan vooral door zo iemand, want hijzelf zit in een dodencel te wachten op zijn executie…

In Memoriam José

Het was donderdag 17 september 2015. Het was twee dagen na Prinsjesdag. José was emotioneel. Op ons vaste stekje bij de Bagels & Beans aan de Willem de Zwijgerlaan kreeg ik een extra dikke knuffel. “Aart, ik wil vandaag een speciale troonrede uitspreken”. Toen ze klaar was schoten we allebei vol, … en niet met thee.

Mijn eerste ontmoeting met José werd direct een hele bijzondere. Het was op 7 november 2011. Ik mocht haar interviewen voor de Zoolmaat, een magazine van De Regenboog Groep. Mijn dochter Wijke was er ook bij. José was een hele actieve vrijwilliger bij de Vriendendiensten, en iemand had bedacht om de ‘interviewfakkel’ door te geven aan José. Tot mijn verbazing bleek José daar helemaal niet blij mee. Aan het begin van het gesprek bleek al direct waarom: kort daarvoor was de Vriendendiensten onder de paraplu van de Regenboog gekomen, en José zag dat toen als een soort ‘vijandige overname’. Maar gelukkig draaide zij tijdens het interview helemaal bij. Het was het begin van een bijzondere vriendschap, ook met Wijke.
Jose3

Terug naar afgelopen september. Het was in dat gesprek voor de eerste keer dat José tegen mij niet sprak over ‘hoop’ vanwege eventuele nieuwe behandelingen, maar juist over de mogelijkheid dat ze de strijd tegen de kanker zou gaan verliezen. Tot aan dat moment zag ik steeds de levenslustige José, die hing aan het leven. Zichzelf soms krampachtig vasthoudend aan hoop. Elke behandeling aangrijpend die haar maar werd aangeboden. Het was ook in dit gesprek dat zij mij vroeg om nog een keer over haar te schrijven, een In Memoriam. Tussen september en december had ze min of meer een eigen kamer in het Lucas, A6-28. Op 27 december overleed ze.

Ik denk al een paar jaar elke dag aan José. Dat klinkt bijna als een liefdesverklaring, maar het komt door deze mok.
DSC_8783

Een paar jaar geleden liep José in de kerstdienst in de Dominicuskerk te leuren met lootjes. Ik weet nog steeds niet waar ze voor waren, en dat is ook helemaal niet belangrijk. De maanden erna zeurde ik net zo lang aan haar hoofd welke prijs ik gewonnen had, dat ze op een gegeven moment met deze mok aan kwam (een setje van twee).

Ik herinner me haar vrolijke lach, haar te zien genieten tussen de Straatklinkers, vooral als ze háár duet zong: Ik heb je voor het eerst ontmoet, daar bij die waterkant. Ik herinner me haar energie bij de weggeefwinkel bij de Buurtboerderij. En ik herinner me hoe warm en lief ze sprak over haar kinderen, waar ze dol op was en over Hans die de benen uit zijn lijf liep voor haar.

José, helaas gaan veel mensen veel te vroeg dood. En het is verschrikkelijk dat het jou ook is overkomen. Maar langzaamaan gaan bij ons de fijne en mooie herinneringen het verdriet verdringen. Rust zacht, José.

????????????????????????????????????

????????????????????????????????????

Facebook en Google als GBA (Gemeentelijke Burgeradministratie)

Het is inmiddels geen geheim meer dat een groot deel van ons leven wordt bepaald door Facebook en Google. En dat allemaal met als enige doel, echt waar, om ons leven zo aangenaam mogelijk te maken. Zoek je één keer via Google naar een uitvaartverzekering, dan krijg je de weken erna vooral via Facebook de ene na de andere aanbieding. Die aanbieding wordt dan uiteraard op maat aangeboden. Heb je, zoals ik, een zwak voor de Citroën Traction Avant, dan hoef je bij wijze van spreken alleen nog maar de datum te prikken en Facebook en Google regelen de rest. Zij weten dat al op basis van je zoekgeschiedenis.

70a3fa9dd80ca76fc9c45128b056fdbd

In verband met een ‘adresonderzoek’ was ik pas in het Raadhuis van Hoofddorp bij de afdeling Burgerlijke Stand. Zij gaven aan dat een belangrijk deel van hun onderzoek bestond uit het raadplegen van Facebookpagina’s.

Dat kan natuurlijk anders en efficiënter: Facebook als Burgerlijke Stand. We hebben allemaal weleens die vreselijke berichtjes voorbij zien komen (een paar honderd per etmaal) over je favoriete kleur, je favoriete vriendje, je favoriete vakantieland, woonplaats, enzovoorts. Ik heb ooit mijn ijdelheid niet in toom kunnen houden, en wilde zoiets ook weleens weten. Nadat ik van alles had ingevuld vroeg die app mij om inzicht in mijn gegevens en die van al mijn ‘vrienden’. Ik geef in principe nooit ongevraagd gegevens van mijn vrienden aan derden, dus ik ben op dat punt afgehaakt. Ik weet nu ook hoeveel van mijn ‘vrienden’ zonder mij daarover te raadplegen, mijn gegevens de hele wereld over jagen. Maar dat terzijde…

Onze toekomst ziet er dus als volgt uit: de Burgerlijke Stand van de gemeente, en dan in bijzonderheid de GBA (Gemeentelijke Burgeradministratie) wordt overgenomen door Facebook en Google. Die weten immers het beste wie bij wie past (beste vriendje), en wanneer de tijd rijp is voor een huwelijk (zoeken door de man op ‘boeket’ en door de vrouw op ‘nieuwe keuken’).  Op dat moment wordt dit gelukkige paar automatisch in de echt verbonden. Je kunt dat in je privacy-instellingen aanpassen als je daar nog niet aan toe bent, maar daar moet je dan voor betalen. Dat gaat dan ‘blokkeer-huwelijk-leges’ heten. De getuigen bij het huwelijk zijn degenen die de automatisch gegenereerde huwelijksaankondiging het meeste ‘liken’. Op die manier wordt op enig moment ook de naam van het kind bepaald. Daar gaat uiteraard iets aan vooraf, ca. 9 maanden eerder, maar hoe Facebook en Google dat gaan regelen, dat houden ze strikt geheim.

Met dank aan Lennert voor de inspiratie!

Mike

Ik zat op een bankje in de centrale hal van Amsterdam CS te luisteren naar de 1e symfonie  van Dirk van Puffelen uit Deurselo. Aanvankelijk klonk het veelbelovend, maar ik verwacht toch dat het bij deze 1e symfonie blijft.
Ik zag hem aankomen, ogen bijna dicht, voorover hangend. Hij kwam naast mij zitten, niet om naar het concert te luisteren, want hij zakte direct voorover om te gaan slapen. Aan zijn handen kon ik zien dat hij al een poosje geen direct contact had gehad met zeep of iets aanverwants.image1 (1)

Hij begon wat te schommelen en kwam tegen mij aan hangen. Omdat er in Amsterdam mensen voor minder zware vergrijpen zijn opgepakt heb ik hem zachtjes wakker geschud. Hij bleek Mike te heten. Ik gaf hem een hand en stelde mij voor. Arthur? … nee, Aart, A.. a.. r.. t.. Mike komt uit Ierland, maar heeft de laatste jaren gezworven door Londen. Sinds twee weken is hij in Amsterdam.

Ik vroeg (tegen beter weten in) of hij een plekje had in Amsterdam om te verblijven. Dat had hij niet, maar iemand had hem verteld dat hij zich kon melden in de Barndesteeg. Ik ken die plek, de Shelter, een (jeugd)herberg van Tot Heil des Volks, en bood aan om hem daarheen te begeleiden. Voor zover mij bekend was het niet de juiste plek om je te melden als onderdak- en douche zoekende buitenlandse dakloze, maar hij bleef volhouden dat hij daarheen moest. Mike was vrij slecht ter been, en bovendien werd hij behoorlijk afgeleid door de ‘geitenkeuring’ achter rood verlichte ramen, die ondanks het vroege tijdstip al volop aan de gang was. Het duurde dus even voor we er waren. Bij de balie van de Shelter zag ik in mijn ooghoeken ineens iemand richting uitgang hobbelen. Ik dacht: Ik ken jou… Toen ik nog eens goed keek, herkende ik Chris.DSC_1831

Ik had Chris al bijna twee jaar niet meer gezien, en vermoedde dat hij uit de stad verdwenen was. De laatste keer had hij nog een grote, volle baard, maar die was nu getrimd. Hij moest even kijken, maar toen herkende hij mij ook. Hij begon direct een lang verhaal over zijn tekeningen in de opslag, over zijn familie, maar ik moest hem vriendelijk onderbreken, want ik was er voor Mike. We spraken af elkaar weer te treffen met Kerst in de Dominicuskerk.

De Shelter bleek inderdaad niet de juiste plek voor Mike, dus we weren verwezen naar AHA (Amsterdammers Helpen Amsterdammers), net om de hoek op de Oudezijds. Mike begon direct te kwijlen toen hij de stapel ontbijtkoek zag staan. Mag ik…? Ja, Mike, en neem er gerust twee. Koffie? Ja, drie suiker en twee melk. Hij was dus even bezig en kon niet praten. Een mooi moment voor mij om een gesprek aan te knopen met oude bekende Freek. De leden van (koor) Desire herinneren zich Freek misschien nog: de ‘militante’  bezoeker van de diensten in de Petruskerk. Legerjas, baret met 26 insignes. Die diensten zijn inmiddels ook beëindigd. Freek was naar de laatste dienst geweest, kerst vorig jaar. Organist, predikant en drie bezoekers.

Terug naar Mike. Ook bij AHA bleek hij niet aan het juiste adres. Ik realiseerde mij ineens dat ik inmiddels toch zou moeten weten waar je met dergelijke ‘nieuwe’ daklozen naar toe moet gaan. Maar nog meer verbaasde het mij dat ‘officiële’ hulpverleners dat blijkbaar ook niet weten. Met een telefoontje naar De Regenboog kwam ik erachter waar hij heen moest. Maar hij mocht eerst langs komen bij inloophuis Blaka Watra om te douchen, tanden te poetsen en te eten. Iemand van AHA zou hem begeleiden. Ik nam afscheid, en liep de Wallen weer op. Een paar huizen verder hoor ik uit mijn oorhoeken ineens iemand vragen naar “… van de Regenboog”. Een meid van 17 zoekt inloophuis de Princehof, maar ze weet het huisnummer niet, en de telefoon wordt ook niet opgenomen. Ik weet het nummer ook niet, maar ik weet wel in welk pand het is. Ik loop even mee. Ze gaat stage lopen, maar is te laat, omdat ze het huisnummer is vergeten.

Ach… als je de weg echt kwijt bent is er altijd wel ergens een inloophuis …